Tips voor museumbezoekers

Beste Lezer,  

In mijn vorige welkomstwoord was de oorlog in Oekraïne nog maar net begonnen. Inmiddels zijn ontelbare doden en gewonden gevallen en steden met eeuwenlang zorgvuldig bewaard erfgoed aan puin geschoten in een waanzinnige oorlog die tot onze verbijstering nog steeds voortwoedt. Dichtbij huis viel een ander slachtoffer. Nog voor het publiek er goed en wel kennis van had kunnen nemen sneuvelde de tentoonstelling Russische Avant-Garde: Revolutie in de kunst. Dat lot trof niet alleen de tentoonstelling, maar ook het museum waar deze nog maar net was ingericht. De directie van de Hermitage besloot de banden met het Russische moedermuseum en daarmee de toegang tot de rijke collecties te verbreken. Door slechts één letter te schrappen veranderde de naam van de Hermitage bijna onopvallend in Dutch Heritage Amsterdam.  

In een reeks ‘focustentoonstellingen’ zullen topstukken uit andere Amsterdamse musea voor de duur van 6 weken gepresenteerd worden.

Pieter Bruegel de Toren van Babel (ca. 1586)

Na terugkeer van Rembrandt van Rijns fascinerende Zelfportret (1669) naar het Haagse Mauritshuis staat de Toren van Babel (ca. 1586) van Pieter Bruegel centraal in de reeks focustentoonstellingen in Dutch Heritage Amsterdam. Het werk dat Lisa Wiersma in het programma Het Geheim van de Meester (februari 2021) slapeloze nachten bezorgde! Op zeer gedetailleerde wijze bracht Brueghel de oudtestamentische Babylonische spraakverwarring in beeld (Genesis 6:9 e.v.). Wie de tentoonstelling Ararat: schatten uit het oude Armenië bezocht of mijn bespreking daarvan las, heeft het verhaal van de Ark van Noach nog wel paraat. Voor de minder bijbelvasten hierbij een opfrisser van het geheugen. Wanneer God ziet dat het met het morele gedrag van de mensheid helemaal de verkeerde kant op gaat, straft hij hen met een –bijna- allesverwoestende watersnood. Alleen Noach, zijn familie en de onschuldige dieren van Gods schepping worden gespaard, veilig aan boord van het enorme schip dat Noach gebouwd heeft .

Kort daarna gaat het alweer mis. De survivors van de zondvloed verspreiden zich niet, zoals God bevolen had, over de schoongewassen aarde. In plaats daarvan beginnen ze aan de bouw van een toren die tot in de hemel moet reiken. Tegen deze hoogmoed moet de Albeheerder wederom ingrijpen. Voor samenwerking -en dat geldt nog altijd- is communicatie van het grootst belang. Zeker bij een grootschalig bouwproject, waarbij de sky the limit is.

Na goddelijk ingrijpen spreken alle bouwlieden en opzichters -op dit paneel welgeteld 1000 personen-plots een andere taal, waardoor de bouw noodgedwongen stil komt te liggen.

De ongelooflijk gedetailleerde verbeelding van dit godswonder kunt u vanaf 26 juli tot en met 28 augustus met eigen ogen gaan zien.

Wat is er deze zomer op museumgebied zoal te beleven? Naast de eerder besproken bescheiden selectie van voorjaars- en zomertentoonstellingen heb ik nog een tip voor een belangwekkende expositie in het Drents Museum. 

De ontdekking van de Hemel in Assen tot en met 18 september 2022

Hemelschijf van Nebra (Saksen-Anhalt), ca. 1600 v.Chr., brons en goud, diameter 31 centimeter, copyright Staatsbureau voor erfgoedbeheer en archeologie Saksen-Anhalt. Foto: J. Lipták.

Met een bezoek aan het Drents Museum sla je deze zomer drie culturele vliegen in één klap. Je ziet er de prachtige tentoonstelling Schatten uit het oude Armenië, de Vaandeldrager van Rembrandt en tot en met 18 september de millennia oude Nebra schijf uit het Landesmuseum für Vorgeschichte in Halle.  

Aan de hand van een audioverhaal maakt de bezoeker een visuele pelgrimstocht langs vondsten en gebruiken uit de bronstijd. Eindbestemming van de reis is de van ca. 1750 v. Chr. daterende magische hemelschijf van 32 cm doorsnede, die in 1999 in de gelijknamige Duitse stad werd gevonden. De 29 gouden sterren contrasteren mooi op de groen uitgeslagen bronzen ondergrond. 
De bronzen schijf is van onschatbaar belang, want ze vertoont de oudste realistische sterrenhemel ter wereld. De subtitel van de tentoonstelling draagt niet voor niets de (aan Harry Mulisch roman ontleende) titel De ontdekking van de Hemel.

In de uitzending van de Ochtend van 4 van 7 augustus jl. vertelt archeoloog Bastiaan Steffens dat de expositie is ingericht rond de vraag hoe mensen indertijd bezig waren met de sterrenhemel. Tussen een maansikkel en een afbeelding van de volle maand herkennen hedendaagse sterrenkundigen de Pleiaden.

Bij het zien ervan rijst de vraag: waarvoor werd de schijf gebruikt?

Kijkend naar de sterrenhemel kun je zien dat deze elke dag een beetje in beweging is. Daar zitten patronen in. Door waarneming kan de mens proberen dit te begrijpen. Het wisselende hemelbeeld vertelt iets over de tijd. De schijf is waarschijnlijk gebruikt als een (soort) kalender. Het object werpt nieuw licht op de astrologische kennis in de Europese bronstijd. Daarnaast had het object ook een religieuze functie. De hemelschijf werd rond 1600 v.Chr. vermoedelijk als offer in de grond begraven, waarover je in de tentoonstelling meer aan de weet komt.

Wegens het sterrenkundige en religieuze belang staat de Nebra schijf sinds 2013 als documentair erfgoed genoteerd op de lijst van het ‘Memory of the World Register’ van UNESCO.

In de ban van de Ararat – Schatten uit het oude Armenië. Drents Museum in Assen tot en met 30 oktober.

De tweekoppige Ararat met op de voorgrond Khor Virap, 2020, foto Hans Avontuur

Na eerdere spraakmakende archeologie tentoonstellingen presenteert het Drents Museum tot en met 30 oktober de expositie In de ban van de Ararat. De bezoeker maakt een tijdreis door de lange, cultuurrijke geschiedenis van Armenië. Haar inwoners zien zichzelf als afstammelingen van Noach, wiens ark in Bijbelse tijden zou zijn gestrand op de Ararat. De voor Armeniërs heilige berg die ooit op hun grondgebied lag, tekent zich tantaliserend af aan de horizon, in Turkije. Bij het verdrag van Kars (1921) werd de grens in het nadeel van Armenië verlegd.

Zou het dan toch echt waar zijn, dat mooie verhaal van Noach, bouwer van het enorme schip waarop alle dieren van de allesvernietigende zondvloed werden gered? Vrijwel alle archeologische voorwerpen op de expositie worden gesierd met een verscheidenheid aan gestileerde, soms ook heel gedetailleerde dierfiguren. Deze dieren vormden de inspiratiebron voor de vormgevers. Tegen het alom tegenwoordige decor van de machtige Ararat plaatsten zij enorme in hout ‘opgezette’ dieren.

De bezoeker wandelt met zevenmijlslaarzen door de lange -een half miljoen jaar bestrijkende- geschiedenis van Armenië. Laat u niet ontmoedigen, want dankzij de overzichtelijke van duidelijke zaalteksten voorziene opstelling word je moeiteloos door de tijd geleid. Het verhaal wordt geïllustreerd met objecten daterend van de prehistorie tot vondsten van rond 1500 v. Chr. toen heersers zich in monumentale grafheuvels lieten bijzetten. Met artefacten uit de tijd van koning Trdat III (287-330 na Chr.), die het christelijk geloof tot staatsgodsdienst verhief houdt de tijdlijn van de expositie op. Het slotakkoord vormt een spectaculaire reliekhouder uit de kathedraal van Etchmiadzin, ‘de Sint Pieter’ van Armenië. De houder toont een fragment van de Ark van Noach, dat door Jacob van Nisibis in de 4e eeuw persoonlijk werd gevonden…

Lees hier meer over deze interessante tentoonstelling.

Wat is er deze zomer op museumgebied nog meer te beleven? Naast de eerder besproken voorjaarstentoonstellingen geef ik hier een bescheiden selectie van enkele interessante exposities zoals in Laren waar in het Singer museum maar liefst drie tentoonstellingen onder één dak te zien zijn. Maar ook Mondriaan in Kunstmuseum den Haag en Moving Stories in het Valkhof Nijmegen zijn een bezoek waard. Heeft u geen zin of tijd om dit hele voorwoord door te lezen, scroll dan snel door en stop bij de afbeelding van de tentoonstelling die uw belangstelling heeft!

Rondom Mondriaan; tot en met 25 september in Kunstmuseum Den Haag.

Mocht u bij reclamecampagnes rondom deze tentoonstelling denken dat hebben we vijf jaar geleden toch ook al gezien, dan heeft u het mis!

In 2017 werden Mondriaans werken uit eigen bezit inderdaad getoond. In deze tentoonstelling, gemaakt ter gelegenheid van het 150ste geboortejaar van de kunstenaar, wordt de invloed van zijn baanbrekende stijl op eigentijdse- en latere kunstenaars belicht.

Nergens kan Mondriaans ontwikkeling van eenvoudige, donkere figuratieve landschappen tot zijn volledige abstracte werken beter worden gevolgd dan in het Haagse Kunstmuseum, dat ruim 300 werken van de kunstenaar bezit. Deze ontwikkeling bereikt een absolute climax in zijn laatste werk: Victory Boogie Woogie uit 1944. Dit werk fungeert in de expositie als inspirerend startpunt voor de presentatie van naoorlogse- en moderne abstracte kunst.

Zaalimpressie met werk van Esther Tielemans en Jan Toorop

Er is werk te zien van tijdgenoten als Jacoba van Heemskerck, die evenals Mondriaan in de vroege twintigste eeuw in Domburg werkzaam was en Theo van Doesburg. Ook zie ik mijn Zeeuwse favorieten van Ferdinand Hart Nibbrig en Jan Toorop terug; het Portret van Neeltje en Zee en duin bij Zoutelande met de kleine boerenmeisjes in klederdracht, over wie u elders op deze site meer kunt lezen. Deze werken komen qua kleur mooi uit naast Esther Tielemans tweeluik, The in between 2, 2018, uit de eigen museumcollectie.

In de huidige expositie zie je ook werk van latere kunstenaars die zich op verschillende manieren met Mondriaan verbonden voelen, zoals Bridget Riley, Fred Sandback, Rob van Koningsbruggen en Remy Jungerman. De bezoekers worden uitgenodigd om deze verbanden of associaties zelf te ontdekken!

Mondriaan was een groot liefhebber van muziek en dans. Hedendaagse musici Steven Brunsmann en Marco Spaventi zorgen met een speciaal voor deze expositie gecomponeerd techno-stuk voor de ‘muzikale omlijsting’.

En…in mijn ogen, of beter…neus, een beetje vergezocht: in overeenstemming met het moderne adagium dat museumbezoek voor een totaalervaring (zou) moet(en) zorgen wordt in de expositiezalen door geurspecialisten van IFF een ‘op het ritme en de dynamiek van Victory Boogie Woogie geïnspireerde’ geur verspreid. In de vaste tentoonstelling gewijd Mondriaan & de Stijl zijn de geuren van Mondriaans ateliers in Amsterdam, Parijs en New York te ruiken. Leuk bedacht, maar of carapatiënten hier blij mee zullen zijn valt te betwijfelen.

De expositie is echter een schitterende eyeopener voor het werk van Mondriaan en de wereldwijde invloed van zijn baanbrekende werk!

Moving Stories; de rijkdom van de Limes. Tot en met 30 september in museum het Valkhof, Nijmegen.

De zomertentoonstelling in het Valkhof gaat over veel meer dan de consolidatie en bewaking van de noordgrens van het Romeinse Rijk. Geïnspireerd op de tijd waarin de Romeinen met rekruten uit alle windstreken hun grondgebied uitbreidden en consolideerden, leggen de samenstellers van de tentoonstelling een link met de moderne tijd. Ook nu bereiken talloze migranten ‘op zoek naar een betere toekomst’ Noordwest-Europa, al gaat de vergelijking wel enigszins mank….

De expositie is ingericht rond de vraag: wat verlies je als je vertrekt?

…’Ze kwamen uit Egypte, Macedonië, Spanje, Gallië, Istrië, Hongarije, Noord-Afrika, Ligurië en de laars van Italië’… zo begint Lucette ter Borg haar recensie van de tentoonstelling in de NRC van 6 juli jl.  Een groot aantal soldaten die voor 25 jaar tekenden voor het Romeinse leger werd naar Noordwest-Europa gedirigeerd. Velen belandden in een koud en nat kikkerlandje, waarover de veteraan Plinius de Oudere in zijn Naturalis Historia (77 n. Chr.) niet veel positiefs weet te melden.

Wat namen die mannen uit hun vaderland mee en wat lieten ze achter?

Dat laatste is natuurlijk voer voor archeologen. Niet alleen in het Valkhof, maar ook in Museum het Castellum in de Meern zijn Romeinse vondsten te bewonderen. Objecten waar een scala aan verhalen mee verbonden is, zoals u komend voorjaar in mijn lezing over Castellum Hoge Woerd kunt beluisteren.

In de Nijmeegse expositie is ook voer voor psychologen te vinden. Wat verlies je als je vertrekt; wat neem je mee en hoe vind je je draai in je nieuwe vaderland?

Deze vragen worden beantwoord door hedendaagse kunstenaars en vijftien Nederlanders met een migratieachtergrond. Met deze insteek slaat het Valkhof een nieuwe weg in. Trouw aan de doelstelling van het museum, waar oudheidkundige objecten het verhaal over mensen van toen vertellen, wordt nu ook een podium geboden aan verhalen van mensen van nu.

Sluijters en de Modernen tot en met 28 augustus in Singer Laren.
De omvangrijke kunstverzameling die Singer Laren enkele jaren geleden van de heer en mevrouw Blokker ontving vervulde de directie met blijdschap maar ook met schrik, want: waar tonen we deze prachtige collectie?

Jan Sluijters Portret van Greet van Cooten (1910)

Ruimhartig droeg het echtpaar bij aan de oplossing waarmee de schilderijen een plaats vonden in de nieuwgebouwde Nardinck vleugel, genoemd naar de villa van het echtpaar. In vijf ruime door daglicht beschenen zalen vormen de schilderijen van Jan Sluyters de basis, waaromheen het werk van andere Nederlandse modernisten thematisch wordt gepresenteerd. Overwegend kleurrijk werk van Jan Toorop, Leo Gestel, Piet van der Hem, Kees Maks, Kees van Dongen, Charley Toorop, Else Berg, Jo Koster en Charlotte van Pallandt, met als slotakkoord werk van Carel Willink.

Theo van Rysselberghe – Schilder van de Zon tot en met 4 september in Singer Laren.                                                                                                

In Laren is ook een expositie van het vrolijk stemmende werk van Theo van Rysselberghe te zien. Terwijl zijn palet onverminderd kleurrijk blijft, verandert zijn penseelvoering in de loop van zijn carrière. Van vroeg klassiek en glad gepenseeld werk tot uitbundig expressionistische doeken en voorbeelden van alle stijlen daar tussenin. Gijsbert van der Wal vatte het in de NRC van 1 juni jl. bondig samen: …’Theo van Rysselberghe is geen vernieuwer, maar wèl een schilder die geslaagde varianten bijdroeg aan het post-impressionisme’.

De expositie opent met enkele glad gepenseelde, maar meest pointillistische portretten en wordt vervolgd met havenscènes, waaronder een verrukkelijke Zonsondergang in Veere. En een zaal vol mediterrane, door pijnbomen omzoomde zeegezichten waar je zo in zou willen stappen! Van Rysselberghe liet zich eveneens inspireren door het klassieke academische thema van het vrouwelijk naakt, dat hij pointillistisch of met kleine op Van Gogh lijkende toetsjes op het doek bracht. Onderneem je eigen speurtocht naar invloeden van beroemde tijdgenoten als Pierre Puvis de Chavannes, Signac, Seurat, Monet, Edgar Degas en ….   

Paul de Lussanet. Verf in het bloed

In de galerij naast de tuin krijgt de bezoeker tot 2 oktober een toegift met de expositie van expressief, kleurrijk werk van de in Laren geboren kunstenaar Paul de Lussanet (1940). Dat de Blokkers een goede smaak hadden is uit het voorgaande al duidelijk geworden, maar zij hadden ook een scherp oog voor eigentijds werk. 

Etel Adnan/Vincent van Gogh – Kleur als Taal, tot en met 4 september in het Van Gogh Museum.

Etel Adnan, Landschap, 2014, © The Estate of Etel Adnan.
Museé de l’Institut du monde arabe, Paris (donation of Claude and France Lemand)​

Voor liefhebbers van kleur is de tentoonstelling Etel Adnan/Vincent van Gogh – Kleur als Taal, tot en met 4 september in het Van Gogh Museum een must-see. Misschien denk je bij haar naam eerder aan de auteur en dichter Adnan, maar zij had nòg een talent!  Het Van Gogh Museum legt op associatieve wijze een link tussen het werk van deze vorig jaar overleden Amerikaanse kunstenares en dat van de naamgever van het museum. Dat lijkt misschien wat vergezocht, maar het idee is voortgekomen uit haar expliciete bewondering voor Vincent van Gogh. Als liefhebber van de natuur wist hij zijn impressies daarvan in heldere kleuren op het doek te vangen. En Van Gogh was evenals Adnan een begenadigd schrijver. Zij verwoorde het als volgt: …’Van Gogh schrijft als het ware op zijn doek; hij ‘schrijft’ een landschap’...

Onze planeet, de zon en de maan, maar vooral de berg achter het venster van haar huis in Californië, vormden haar inspiratiebronnen. Het door haar waargenomen beeld belandde in afgeleide vormen en vooral heldere kleuren op het doek. Haar Mount Tamalpais uit 1985 roept associaties op met Cézanne. Niet alleen door de toetsjes waarmee zij een impressie van de berg geeft, maar ook qua onderwerp. Cézanne bracht de Mont Sainte Victoire die hij vanuit zijn raam zag, eveneens talloze malen, onder wisselende weersomstandigheden in beeld. Maar in haar kleurbehandeling is ze het meest schatplichtig aan Van Gogh. Toen ze zijn werk voor het eerst zag ging er een schok door haar heen. Van hem leerde ze dat kleur niet gebonden is aan een verschijningsvorm. Alle vertrouwde vormen in de natuur, kunnen door onnatuurlijke kleuren verbeeld worden.

De gezonde stad. Kunst van het overleven door de eeuwen heen – Centraal Museum, Utrecht tot en met 11 september.

De Stadhuisbrug met omgeving te Utrecht, 1779.


Ter gelegenheid van de herdenking van het 900-jarig bestaan van de stad heeft het Centraal museum een interessante expositie rond het thema gezondheid ingericht. Het verhaal begint in de Middeleeuwen. Deze waren niet zo onhygiënisch als vaak wordt gedacht. Op de vraag of het leven in de Middeleeuwen vies en ongezond was, antwoordt conservator René de Kam in de NRC van 6 juni jl.:                           
 …’ Welnee, de ‘dark ages’ vallen in de negentiende eeuw!…’  Afwatering en verwerking van uitwerpselen waren destijds gescheiden. Het privaat kwam uit op een beerput, waarvan de inhoud als mest werd uitgereden. De spreekwoordelijke ‘middeleeuwse’ viezigheid ontstond pas in de 19e eeuw. Ten gevolge van de urbanisatie barstte de binnenstad met haar volgebouwde, overbevolkte achtererven uit haar voegen. De beerput was inmiddels gedempt en het privaat kwam uit in de grachten, die met alle gevolgen van dien, veranderden in open riolen, waarin ziektekiemen -denk aan cholera- konden floreren. Met een keur aan medische weetjes, geschriften en schilderijen wordt dit nog nooit vertelde verhaal geïllustreerd. In de eeuwenoude stadsgezichten van Pieter Saenredam zijn vertrouwde plekjes in de stad nog altijd herkenbaar. Genrestukken zoals die van Jan Steen geven een inkijkje in het dagelijks leven van de zeventiende eeuw. Bruiklenen worden aangevuld met topstukken uit de eigen collectie: de Keukenmeid van Joachim Wtewael en de Koppelaarster van Gerard van Honthorst. Werken van Isaac Israëls, Bart van der Leck en Jan Sluijters weerspiegelen de moderne tijd. Wie de expositie in de maand juni bezoekt kan in het Centraal Museum ook de Vaandeldrager van Rembrandt bewonderen.  

De Nederlandse Paus AdriaanMuseum Catharijneconvent, Utrecht. Ook het Catharijneconvent grijpt het jaar 2022 aan voor een herdenking. Vijfhonderd jaar geleden werd Adrianus VI tot verrassing van vriend en vijand èn van hemzelf tot paus gekozen!

Adriaan Floriszoon, Boeyens Paus Adrianus (1459-1523) naar Jan van Scorel

De in 1459 in Utrecht geboren Adrianus Boeyens was meer een geleerde dan een kerkleider. Begonnen als (ex locum) pastoor van Goedereede was hij voorbestemd tot grotere taken. Hij maakte carrière in dienst van keizer Karel V. Aan de vooravond van de zich in hoog tempo verspreidende ideeën van de Reformatie beleeft de kerk in West-Europa een grote crisis. Veel kerkleiders zijn corrupt en het Vaticaan is bankroet. Een slechtere tijd om paus te worden, is er niet, aldus het persbericht. Dat gold zeker voor een paus die even schoon schip in het Vaticaan wilde maken. Adriaan ontving het bericht van zijn uitverkiezing in Spanje. Tijdens zijn uitreis naar Italië werd hij op het Iberisch schiereiland door het volk nog toegejuicht, maar toen hij in Ostia van boord ging, wachtte hem een minder hartelijk welkom. De mare dat de curie in hem een strenge kerkleider zou krijgen, die wars was van gekonkel, luxe en corruptie, was hem vooruitgesneld.

In de Utrechtzaal van het Catharijneconvent is een kleine, zogenoemde focustentoonstelling ingericht rond de man, die vijf eeuwen terug op een steenworp van het museum in ‘Paushuize’ het levenslicht zag.  Door zijn zuivere idealen was het in Rome al na 14 maanden met hem gedaan. Op 14 september 1523 kwam hij volgens sommigen onder verdachte omstandigheden aan zijn einde.

In de Utrechtzaal kijkt Paus Adrianus welwillend neer op de bezoekers. Met zijn concrete hervormingsplannen, was hij, anders dan wel beweerd wordt, een man met een visie. In de expositie zie je authentieke documenten en de Kruisigingstryptiek (uit het atelier) van Jan van Scorel die Paus Adrianus tijdens zijn kortdurende pontificaat terzijde stond. Op terugreis van een pelgrimstocht naar het Heilige Land deed van Scorel Rome aan. Daar was de Nederlandse kunstenaar in 1522 de juiste man op de juiste plek. Na de ontijdige dood van Rafael zat Paus Adriaan dringend verlegen om een nieuwe conservator van de pauselijke collecties. Deze functie bood Van Scorel een unieke gelegenheid om de werken van Michelangelo en Rafael te bestuderen. Over Rafael en Jan van Scorel leest u meer in mijn verslag van een recente stedentrip naar Rome. Een reis welke, evenals die van Paus Adriaan en Jan van Scorel begon in Ostia.

Wanderlust 19 juni t/m 8 januari in het Dordrechts Museum

Pierre Dubourque, Romeins Landschap met koets, 1843

Reizen: even uit de sleur van de dagelijkse beslommeringen…

Getuige de recente taferelen op Schiphol is de drijfveer die in het Duits zo treffend wordt omschreven als ‘Fernweh’ na de pandemie sterker dan ooit!

De tentoonstelling Wanderlust laat zien dat er niets nieuws onder de zon is. Ook in de 19e eeuw werd volop gereisd. Strandvakanties bestonden nog niet. Reizigers wilden hun horizon verbreden, maar de zon en met name het zuidelijke licht, bracht hen en vooral menige kunstenaar in vervoering!

In de expositie reist de bezoeker op comfortabele wijze door de landen die eertijds met groot ongemak werden doorkruist. Een virtuele roadtrip door landschappen die niet meer bestaan, over ijzingwekkende bergpassen naar de rustige Noord-Italiaanse dalen en de glooiende heuvels van de Romeinse Campagna. Zoals de zonen van adellijke en welgestelde families tijdens hun Grand Tour zagen en kunstenaars deze, elk op zijn eigen manier op het doek vastlegden. Italië was lange tijd favoriet, maar de tentoonstelling laat zien dat ook nieuwe bestemmingen werden aangedaan: de Verenigde Staten, Suriname en Nederlands-Indië, waarmee ook de schilderstijl veranderde. Tussen bekende namen als Abraham Teerlink en Jozef August Knip prijken de namen van ‘vergeten’ kunstenaars Betzy Akersloot-Berg, Anna van Sandick en Elisabeth Koning die hun emoties bij de door hen waargenomen landschappen krachtig of juist lieflijk in verf omzetten. De exotische Indonesische flora was het specialisme van Elisabeth Koning. Van de in Nederland geschoolde Indische kunstenaar Raden Saleh zijn werken te zien waarin het overzeese land vanuit koloniaal perspectief is weergegeven.  

Tegelijk met Wanderlust toont het Dordts Museum de expositie Watamula, waarin zes eigentijdse kunstenaars reislust koppelen aan expansiedrang en de gevolgen daarvan.

Hans Broek, Charlotte Schleiffert, Kevin Osepa en Jennifer Tee laten niet alleen schoonheid zien, maar ook de vernietigende sporen die de mens nalaat.

Charlotte Schleiffert, What kind of leader do we need II (2014)

Na deze bescheiden selectie blik ik vast even vooruit op de grote najaarstentoonstellingen, waarover ik u in mijn lezingen van het komende seizoen hoop te vertellen.

Nieuwe lezingen seizoen 2022-2023

Gustave Klimt, Adele Bloch 1907

Gustave Klimt. Van Goghmuseum Amsterdam. 7 oktober t/m 8 januari 2023.   
De wegens Corona tweemaal uitgestelde tentoonstelling over Gustav Klimt is dit najaar eindelijk in het Van Gogh Museum te zien. Misschien heeft u zich inmiddels laten verleiden tot een bezoek aan de met muzikale effecten opgeleukte ‘immersieve’ tentoonstelling Gustav Klimt: Goud en Kleurrijk in het digitale museum Fabrique des Lumières. In deze op de totaalervaring gerichte presentatie wordt de bezoeker helemaal ondergedompeld, maar er is geen verband met de tentoonstelling.

Wanneer u mijn lezing bijwoont kunt u op traditionele wijze via oog en oor genieten van de kleurrijke werken van Gustave Klimt (1862-1918) en belangrijker nog kennisnemen van verhaal achter zijn werk. Tijdens het fin de siècle, de tijd van de Jugendstil, Art Nouveau en Wiener Secession, zette hij met zijn gekunstelde decoratieve stijl de toon. Zijn afbeeldingen van verleidelijke door fantasierijke, vegetatieve ornamenten omgeven vrouwen voorzag hij letterlijk en figuurlijk van een gouden randje! De tentoonstelling laat invloeden zien van Monet, Van Gogh en Matisse en werpt licht op de invloed die Klimt op zijn beurt uitoefende op Whistler, Toorop en Rodin. 

Lezingen Gustave Klimt:
Woensdagochtend 19 oktober, Cultuurhoek Driebergen.
Donderdagavond    20 oktober & vrijdagochtend 4 november, Oosterkerk, Zeist

Manhattan Masters. Kunstschatten uit New York. Van 22 september tot en met 15 januari in het Mauritshuis.

Rembrandt zelfportret 1658, the frick collection NY

Het Mauritshuis sluit haar jubileumjaar af met een unieke tentoonstelling van topstukken uit New York. Bij hoge uitzondering leent de The Frick Collection een deel van haar Europese collectie uit. Ruim honderd jaar geleden vond een ware exodus plaats van Hollandse en Engelse schilderijen naar Amerika. Deze werken vonden een plek in de stadspaleizen van de nouveau riches, die in de HBO serie The Gilded Age zo treffend geportretteerd worden. De collectie werd bijeengebracht door de legendarische staalmagnaat Henry Clay Frick (1849-1919). Van eenvoudige komaf werd hij de verpersoonlijking van the American dream! Onder de topwerken bevindt zich het beroemde Zelfportret van Rembrandt uit 1658, zijn Poolse Ruiter (1655), zijn portret van Nicolaas Ruts uit 1631 en Johannes Vermeers Dame en dienstbode uit 1666.

De collectie bevat ook portretten van Fricks favoriete kunstenaars Gainsborough en Reynolds. Een onbetwist hoogtepunt is Ingres betoverende portret van de Comtesse d’Haussonville. Welke werken uit de enorme collectie naar Den Haag komen blijft voorlopig geheim. Het Mauritshuis houdt de spanning er tot de opening op 27 september in. Het enige wat het museum erover kwijt wil is dat het gaat om 10 topwerken van Hollandse schilderkunst, die nog door Henry Clay Frick zelf zijn aangekocht.

Van 1 tot en met 30 november is Rembrandts Vaandeldrager eveneens te zien in het Mauritshuis.

Lezingen over Manhattan Masters:
Woensdagochtend 16 november,  Cultuurhoek, Driebergen
Vrijdagochtend       18 november,  Oosterkerk, Zeist

Pompeï Fresco

Pompeï. Drents Museum, Assen. Naar verwacht van 13 november t/m 5 maart

Na eerdere spraakmakende archeologische tentoonstellingen presenteert het Drents Museum dit najaar een bijzondere expositie over Pompeï, de stad die in 79 n. Chr. door een uitbarsting van de Vesuvius werd vernietigd. Rond het midden van de achttiende eeuw kwamen resten van de onder as en puin bedolven stad weer aan het licht. En daar vlakbij ontdekten archeologen nòg een spectaculaire, maar minder toegankelijke stad: Herculaneum, die schuilging onder een dikke laag gestolde lava. Onder de koning van Napels, Karel de Bourbon, werd een aanvang gemaakt met opgravingen. De ontdekte marmeren beelden en schilderingen veroorzaakten een hernieuwde belangstelling voor de klassieke oudheid en resulteerden in een daarop geïnspireerde kunststroming: het neo-classicisme.

Het Drents Museum vertelt het dramatische verhaal van de laatste uren van de inwoners van deze steden. In het Archeologisch Museum van Napels zie je ontroerende afgietsels van de slachtoffers, die verstikt door vulkanische gassen, solitair ineengedoken of in elkaars armen, hun laatste bange momenten beleefden. Wie waren zij en hoe leefden deze mensen voordat de vulkaan uitbarstte en gehoor gevend aan het denkbeeldige commando freeze, voor altijd in een laatst aangenomen houding versteenden? Aan de hand van unieke topstukken uit Italiaanse collecties, wordt leven en werk van de Romeinen uit die tijd verteld.

Lezingen over Pompei en Herculaneum:
Donderdagavond     8 december Oosterkerk, Zeist.
Woensdagochtend 14 december  Cultuurhoek, Driebergen

Johannes VermeerRijksmuseum Amsterdam 10 februari t/m 11 juni 2023

Het melkmeisje, Johannes Vermeer, ca. 1660

In samenwerking met het Mauritshuis presenteert het Rijksmuseum van 10 februari tot 11 juni een unieke overzichtstentoonstelling gewijd aan Johannes Vermeer (1632-1675). Naast werk uit Nederlands kunstbezit, zijn buitenlandse bruiklenen te zien, zoals de Geograaf uit Frankfurt en de Schrijvende vrouw met dienstbode uit Dublin.

Met het eigen Melkmeisje, het Straatje en het Meisje met de Parel uit het Mauritshuis, is deze expositie de grootste Vermeer tentoonstelling ooit. Vermeers oeuvre, dat slechts 35 werken telt, is de perfecte illustratie van het gezegde …’niet het vele is goed, doch het goede is veel’…  

Lezingen bij de grote Vermeer tentoonstelling:
Donderdagavond    23 februari, Oosterkerk,  Zeist
Woensdagochtend   8 maart,    Cultuurhoek, Driebergen

Castellum Hoge Woerd, de Meern.

Tijdens een opgraving in een boomgaard in de Meern had ik als archeologiestudent in de winter van 1982 -en de begeleidende archeologen evenmin- nooit kunnen denken dat veertig jaar later op die plek een museum zou verrijzen. Ondergebracht in (de vorm van) het hier ontdekte Romeinse grensfort, waarvan tijdens latere opgravingen voor de aanleg van de Vinexwijk Leidsche Rijn, de sporen zichtbaar werden. In deze lezing neem ik u mee terug in de tijd. In het zogenoemde Castellum, dat deel uitmaakte van de Limes, een keten van verdedigingsforten aan de noordgrens van het Romeinse Rijk, was het een en al bedrijvigheid. Op het geringe oppervlak van anderhalf voetbalveld was een militaire eenheid van 480 man -een Cohort- gelegerd. Dat gold ook voor het daarbuiten gelegen kampdorp -de vicus- waar gezinsleden van de soldaten, neringdoenden, handelaren en herbergiers woonden.

Laat u in deze lezing meenemen naar het verre verleden èn het heden, want in Museum het Castellum is het nog steeds een en al bedrijvigheid!

Lezingen over het Castellum in de Meern:
Woensdagochtend 19 april, Cultuurhoek, Driebergen
Donderdagavond   20 april, Oosterkerk,    Zeist

Lopende tentoonstellingen die ik van harte aanbeveel:

Alphonse Mucha (1860-1939): Art Nouveau in Parijs tot en met 28 augustus in het Kunstmuseum, den Haag

Mucha Reverie 1897

Dwalend door de zalen van het kunstmuseum zie ik vrolijk stemmende, kleurrijke affiches van Alphonse Mucha (1860-1939). In 1889 is de uit Tsjechië afkomstige kunstenaar een onbekende nieuwkomer in Parijs. Met het maken van illustraties kan hij ternauwernood in zijn levensonderhoud voorzien. Tot de destijds beroemde actrice Sarah Bernhardt hem vraagt om een affiche voor haar toneelstuk Gismonda te ontwerpen. De met sierlijke florale motieven omgeven beeltenis van Bernhardt zorgt niet alleen voor (nog meer) succes op de Bühne; de onbekende vreemdeling verandert in artistieke zin in een ‘statushouder’! Zijn stijl slaat aan en er volgen meer opdrachten en niet alleen voor theaterproducties. Mucha ontwerpt ook reclame-affiches voor fietsen, de spoorwegen, enkele damesportretten en zelfs een affiche voor een loterij ten behoeve van de armen. 

Met wat fantasie wandel je in deze expositie door het Parijs van het fin de siècle. Blow-ups van oude foto’s en voorbeelden van andere eigentijdse kunstuitingen wordt de historische context geschetst.  Je ziet de bouw van de Eiffeltoren, je betreedt de trappen van het warenhuis Le Printemps. Midden in de grote zaal wordt de laatste damesmode gepresenteerd naast en uitstalling van Art Nouveau glaswerk. Vazen met gestileerde florale motieven, waarmee de botanist Emile Gallé het devies van Mucha in de praktijk brengt: mooie betaalbare ‘sociale’ kunst voor iedereen (…). Ook de fragiele, prachtige creaties van Ludwig Moser worden getoond. En dat alles onder het toeziend oog van de Mucha vrouwen op de posters aan de wand.

De beeltenis van Bernhardt is een constante; nu eens verleidelijk, dan weer weifelend en zelfs moordlustig in beeld gebracht door Mucha. In een van de kabinetten zie je waar hij zijn inspiratie vandaan haalde: een zelf geschoten reeks fotoportretten van naakte vrouwen in velerlei, soms acrobatische-, meest verleidelijke houdingen. Hoewel hij niet tot de Art Nouveau gerekend wilde worden, ademt de Style Mucha wel de sfeer van deze vernieuwende, op de natuur gebaseerde stroming. In 1902 geeft hij een (voorbeelden)boek uit: Documents Décoratifs, met ontwerpen voor affiches, sieraden, serviezen, meubels en objecten van toegepaste kunst. Al eerder, in 1899, verscheen van zijn hand een prachtig geïllustreerd gebed Le Pater. In een apart kabinet zijn enkele bladen uit Mucha’s Onze Vader te zien. Geen beelden van een traditionele christelijke godheid, maar een symbolistische symbiose van christelijke opvattingen en de vrijmetselarij.

WO I markeert het moment waarop de Art Nouveau langzaam uitdooft. Onder de noemer Resonanties wordt de lijn van het fin de siècle doorgetrokken naar de tijd van de Flower Power. Een beweging, waarin -geholpen door geestverruimende middelen- hernieuwde belangstelling voor symbolistische en spirituele kunst een uitweg vindt in psychedelische rock. Le Style Mucha vindt in de jaren ‘60 zijn weg naar San Francisco; hèt centrum van de hippiecultuur.  Eerst leek het mij wat vergezocht, maar de gestileerde, met florale motieven omgeven figuren op de platenhoezen uit die tijd overtuigen toch wel. Opvallend veel zestigplussers blijven in deze laatste zaal wat hangen. En ook ik kom de muzikale favorieten van mijn jeugd tegen: Procul Harum, Pink Floyd, Bob Dylan, Led Zeppelin, Cream en Eric Burdon & the Animals. Bij het zien van de platenhoes van deze band beginnen lang vergeten klanken in mijn hoofd rond te zingen: … there is a house in New Orleans…!

Alphonse Mucha: Art Nouveau in Parijs, tot en met 28 augustus in Kunstmuseum Den Haag. Tot 3 juli zijn ook de onvoorstelbare Strandbeesten van Theo Jansen te zien en tot 31 maart de magisch realistische werken van de Brits-Portugese kunstenaar Paula Rego.

Van God Los: de onstuimige jaren zestig; tot en met 28 augustus 2022 in Museum Catharijneconvent

Onder de enigszins schertsende titel Van God Los? presenteert het Catharijneconvent een boeiende historische tentoonstelling over de onstuimige jaren ’60. Anno 2022 is het nauwelijks meer voor te stellen, dat Nederland in 1960 een van de meest christelijke landen van Europa was. Bij de voorbezichtiging van de expositie laat conservator Tanja Kootte beelden zien van hasj rokende jongeren die gehuld in afgedankte misgewaden hun eigen Woodstock beleefden in het Kralingse bos. Een volgende dia illustreert de ‘tweede beeldenstorm’, die tijdens de secularisering van Nederland plaats vond. Heiligenbeelden werden de kerk uitgedragen, maar niet kapotgeslagen. Een handgeschreven bord kondigt de uitverkoop van religieuze kunst aan: alles voor de halve prijs: kruisbeelden, madonna’s, heilig hartbeelden en wijwaterkruikjes!

Niet alleen deze (ont)roerende stukken, maar ook onroerend goed moest eraan geloven. Een poster roept op tot protest tegen de sloop van de Rotterdamse Koninginnekerk: …’ Wat de nazi’s lieten staan, dat gaat er nu wel aan’.

De naoorlogse decennia werden enerzijds gekenmerkt door een behoudende, door religie bepaalde levenshouding. De herkregen vrede en welvaart stemden tot dankbaarheid. Maar anderzijds ontstond verzet tegen de gevestigde religieuze orde en het establishment in het algemeen. Beelden van happenings, beatmissen, protesterende studenten en provo’s zullen bij 60-Plussers heel wat los maken. 

Anno 2022 worden wij via sociale media non stop overspoeld met wereldnieuws. In de jaren ’60 kwam dat naast de krant, via radio en televisie nog gedoceerd binnen. In de verspreiding van wereldnieuws en moderne ideeën ging de televisie al gauw een niet te overschatten rol spelen.  

Beelden van de Vietnamoorlog, honger in Afrika, de rassenstrijd in Amerika en de moord op dominee Martin Luther King dwongen de kijkers om na te denken over actuele politieke en levensbeschouwelijke vragen. En ze zaaiden twijfel aan de voorheen als almachtig beschouwde God, die dit allemaal liet gebeuren. De televisie droeg ertoe bij dat God van zijn voetstuk werd gehaald! De beelden van de moord op dominee Martin Luther King en president John F. Kennedy werden voor altijd in mijn kinderbrein geëtst. 

In het destijds spraakmakende programma Mies en Scène laat schrijver Godfried Bomans zijn humoristische maar heldere licht schijnen op het veranderende godsbeeld: …’God is verhuisd… naar cafés, naar huiskamers, de straat op’… en …‘hij is aardiger geworden’…

Bomans was niet de enige die het zo zag, maar niet iedereen ervoer het vertrek van God als bevrijding. Het loslaten van de oude vertrouwde zekerheden, waarbij het leven van wieg tot graf, zowel voor katholieken als protestanten was ingebed in het geloof, betekende voor anderen verlies.

Het tij was echter niet meer te keren. De destijds populaire zanger Bob Dylan zong het ook:   …’ The times are a changing’

Er kwamen andere tijden, zowel binnen als buiten de kerken. In de grote expositiezaal markeert een foto van katholieke geestelijken letterlijk en figuurlijk het startpunt. Alvorens in het vliegtuig te stappen om deel te nemen aan het Tweede Vaticaanse Concilie (1962-1965) poseren ze nog even voor de verzamelde pers. Het fotomoment legt niet alleen het begin van hun reis vast, maar ook het vertrekpunt van grote veranderingen binnen de Rooms-Katholieke kerk, waarin Nederland voorop zou lopen. Binnenkort meer op dit blog.

Van God Los: de onstuimige jaren zestig; tot en met 28 augustus 2022 in Museum Catharijneconvent