Tips voor museumbezoekers

Beste Lezers,
Te laat ontdekte ik dat de rozen nog gesnoeid moesten worden, De eerste uitlopers kondigen het voorjaar al aan. Tijd voornieuwe museumtips.

De tentoonstelling Birds in het Mauritshuis is verrassend samengesteld door de Britse (kunst)historicus Simon Schama en… hePuttertje van Carel Fabritius. Dit ‘vogelperspectief’ heeft een  verrassende expositie opgeleverd.

In Dordrecht wordt eveneens een coproductie gepresenteerd. De tentoonstelling Water en Licht brengt de 19e-eeuwse schilder J.M.W. Turner en de hedendaagse kunstenaar Nicky Assmann samen. Beide lieten zich op ongekende wijze inspireren door de wisselwerking van water en licht. 

Dit voorjaar staat in het Rijksmuseum het thema Metamorfosen centraal. De onaards mooie gedichten van de Romeinse dichter Publius Ovidius Naso (eerste eeuw) hebben kunstenaars door de eeuwen heen geïnspireerd. In hun werken ondergaan de hoofdpersonen op cruciale momenten een bijzondere gedaantewisseling.

En mocht u in de (voor)zomer Zeeland bezoeken neem dan ook een kijkje in het Marie Tak Van Poortvliet Museum in Domburg. waar werk van bij ons onbekende kunstenaars uit Nidden aan de Baltische Zee getoond wordt. Evenals Jan Toorop en zijn schilderende vrienden haalden ook zij hun inspiratie uit de zee en het unieke licht daarboven.

Tot slot breng ik mijn lezingen over Jan Toorop in herinnering. De lezingen vinden plaats op 4, 6 en 18 maart in Driebergen en Zeist.

Verder naar onderen vindt u tips die ik al eerder publiceerde en die nog actueel zijn.

Birds; Curated by the Goldfinch & Simon Schama. Mauritshuis Den Haag Tot 8 juni 2026

Cornelis Bos naar Michelangelo Buonarroti, Leda en de zwaan, ca. 1544-1545.
Rijksmuseum, Amsterdam

Wellicht herinnert u zich nog de inspirerende televisieserie, waarin de Britse (kunst)historicus Simon Schama naar aanleiding van zijn boek The Embarrasment of Riches, op bevlogen wijze vertelde over deHollandse burgercultuur van de 17e eeuw. De zojuist geopende tentoonstelling is geïnspireerd op een uit 2023 daterende publicatie waarin hij beschrijft hoe de relatie tussen mens en dier is ontspoord. 
Birds behandelt de kijk van de mens op vogels in de breedste zin van het woord. Het alom bekende Puttertje uit het Mauritshuis hielp gastcurator Schama bij het samenstellen van de tentoonstelling. 
In vijf hoofdstukken wordt verteld hoe vogels werden gevangen om op te eten of om, al dan niet gekooid, mee te pronken. Je ziet voorbeelden van jachttrofeeën en kleding accessoires gemaakt van vogelveren. In symbolische zin staan vogels daarenboven ook voor liefde, spiritualiteit en …vrijheid. De gevederde vrienden hebben kunstenaars door de eeuwen heen geïnspireerd tot kleurrijke, soms ook ontroerende creaties. Solitair vereeuwigd of als bijwerk; al dan niet met een symbolische betekenis. Daarnaast zie je op vogels geïnspireerde sculpturen, hedendaagse kunstobjecten, audiovisuele installaties en interessante oude en hedendaagse met exotische veren vervaardigde voorwerpen. Functionele en rituele- maar ook modieuze creaties, waarin de dragers letterlijk pronkten met andermans veren. Het absolute hoogte- of beter dieptepunt, betreft een met exotische veren geknutselde ‘vreemde vogel’. Dit ornament werd in de vroege 20e eeuw als hoedenveer gedragen. Soortgelijke absurditeiten inspireerden een aantal welgestelde dames in 1891 tot de oprichting van de Bond ter bestrijding eener Gruwelmode, waaruit in 1899de Vogelbescherming Nederland voortkwam. Het thema van bedreigde vogelsoorten is anno 2026 nog steeds actueel. Met een commercial vroeg Greenpeace al in 1997 om aandacht voor de vervuiling van oppervlaktewater. Tijdens haar dans raakt de Stervende Zwaan besmeurd met stookolie, waarmee het door Tsjaikovski getoonzette sprookje van het Zwanenmeer verandert in een zwarte nachtmerrie. 
Het vermogen van vogels om te vliegen heeft de mens millennia lang geboeid. In een blow-up van een prent van Golzius tuimelt de overmoedige Icarus in vrije val omlaag. De vliegkunst hield ook Leonaro da Vinci bezig. Van zijn hand zie je studies van vogels in vlucht. Gebaseerd op deze observaties ontwierp Leonardo enkele ingenieuze vliegtoestellen, die hij wijselijk niet zelf uitprobeerde.                       
Dit en meer is tot en met 8 juni in het Mauritshuis te zien.

Turner: Water en Licht, in het Dordrechts Museum tot en met 14 juni 2026

J.M.W. Turner, Dort, or Dordrecht: The Dort Packet Boat from Rotterdam Becalmed, 1818. Yale Center for British Art in New Haven, Collectie Paul Melon

Ter gelegenheid van de 250ste geboortedag van Joseph Mallord William Turner (1775-1851) organiseert het Dordrechts Museum een tentoonstelling van zijn werk waarin water en licht centraal staan. In deze elementen vonden 17e -eeuwse meesters als Aelbert Cuyp, Jacob van Ruisdael en Ludolf Bakhuizen eveneens inspiratie. Hun werk werd door Turner bewonderd en op eigen wijze nagevolgd. Op zijn beurt zette Turner latere kunstenaars aan tot creativiteit. Via een touchscreen kun je door een van Turners schetsboeken bladeren met  impressies van de haven en de Grote Kerk van Dordrecht. Op een van de bladen herken je zijn poging om Hollandse woorden te leren. Geen waste of effort, want Turner bezocht Nederland meermaals, zoals je in de biografische dramafilm Mr. Turner uit 2014 kunt zien. In 1818 was hij al aardig taalvaardig. Hij lichtte de schets van de pakketboot uit Rotterdam met een lokaal woord toe: Dort!
Het op deze schets gebaseerde monumentale doek Dort, or Dordrecht: The Dort Packet Boat from Rotterdam Becalmed (1818)uit het Yale Center for British Art in New Haven is de absolute blikvanger. aan de hand van de met een scherp oog voor (atmos)sferische stemmingen verstilde rivierlandschappen en zijn latere abstracte zeegezichten wordt Turners ontwikkeling  in beeld gebracht. Zijn ruige zeegezichten weerspiegelen kracht en schoonheid, maar ook de gevaren van de zee en dat brengt de bezoeker bij het werk van visueel kunstenaar Nicky Assmann.
Ook zij is geboeid door de oerkracht van licht en water. Geïnspireerd door de dramatische klimatologische ontwikkelingen van onze tijd ontwierp zij enkele originele dynamische installaties. Met een hendel kan de bezoeker de installatie Solaris in gang zetten. Uit een met water en zeep gevulde bak komen kleurrijke ‘gordijnen’ omhoog. Voordat deze in het niets oplossen, ontstaat voor enkele momenten een fascinerend kleurrijk schouwspel dat Assmann omschrijft als een turbulente choreografie van iriserende kleuren. Je zou er een verwijzing in kunnen zien naar het op 17e -eeuwse schilderijen veelvuldig voorkomende vanitassymbool van de Homo Bulla. Het leven van de mens is -nog steeds of nu zelfs meer dan ooit- als een zeepbel…   
Met de fantasierijke kinetische sculptuur in de vorm van een telescoop, worden kleurexplosies geprojecteerd. Dat is op zich al indrukwekkend, maar deze zogeheten Abysses of the Sorching Sun beweegt heel spectaculair real time mee met de baan van de zon. Het terugkaatsende licht zet de beschouwer niet alleen in een warme gloed, maar ook aan het denken.

Metamorfosen, tentoonstelling Rijksmuseum, tot en met 25 mei 2026

Michele Tosini, Leda, ca. 1560–1570. Galleria Borghese, Rome.

In samenwerking met de Galleria Borghese in Rome presenteert het Rijksmuseum een boeiende expositie over gedaanteverwisselingen in de kunst. Tachtig topstukken bieden een veelvormige staalkaart van mooie en minder mooie eigenschappen. In schilderijen van Titiaan, Correggio, Cellini, Caravaggio en Rubens herken je: passie, verlangen, wellust, jaloezie, list en bedrog. Geïnspireerd op deze universele sentimenten schreef de Romeinse dichter Publius Ovidius Naso zijn Metamorfosen (8 n. Chr.). In letterlijk en figuurlijk onaards mooie dichtregels vertelt de auteur over chaos, kosmos en wonderlijke transformaties van goden en stervelingen. Op cruciale momenten namen zij als bij toverslag een andere gedaante aan. In veel gevallen vormt liefde of wellust de aanleiding voor de transformatie.     
Om hun doel te bereiken schuwden de goden geweld en bedrog evenmin, aldus conservator Frits Scholten. Luca Giordano’s doek uit 1696 geeft daar aan het eind van de tentoonstelling een bloedstollend voorbeeld van. Omdat hij in zelfoverschatting de multi-taskende god Apollo voor een muziekwedstrijd had uitgedaagd, werd de satyr Marsyas levend gevild. Deze gruwelijke marteling werd in de Renaissance uitgelegd als een troostrijke transitie, want de ziel werd uit het lichaam bevrijd. Dit schilderij wordt in de opstelling gespiegeld aan Magritte’s surrealistische Modèle Rouge III uit 1937, waarin twee enkellaarsjes veranderen in blote voeten of is het andersom? Dankzij Karel van Manders Groot Schilderboeck (1604) werden Ovidius Metamorfosen in ons land populair. In zijn bewerking voorzag hij de verhalen van een moraliserende boodschap. Rubens, Rembrandt en andere historieschilders putten inspiratie uit deze schildersbijbel. En zij niet alleen. Ovidius blijft kunstenaars tot in onze dagen inspireren.
De reis door het geaccidenteerde dichterlijke landschap van Ovidius vangt lieflijk aan. Op een doek uit 1628 laat Nicolas Poussin Apollo drinken uit een met poëtische inspiratie gevulde gouden beker. In de vitrine wordt een met email- en goudverf versierde bokaal getoond met Orpheus en de dieren. In de volgende ruimte wordt de Schepping van de aarde vanuit mythologisch en Bijbels perspectief verteld. De bezoeker ontdekt een verrassende parallel tussen het christelijke scheppingsverhaal en Ovidius versie van de ontstaansgeschiedenis van de aarde. Hier zie je Constantin Brancusi’s minimalistische verbeelding van Prometheus, de Titaan die uit klei de eerste mens schiep. Evenals voor zijn  sculpturen van Pasgeborenen koos Brancusi voor de vorm van een ei als oorsprong van alle leven.
Na deze introductie wordt het genieten van vindingrijkheid. Niet alleen van Ovidius en de verleidingskunsten van de oppergod Jupiter, maar ook van de creaties van talrijke oude- en hedendaagse kunstenaars. Wellicht gedreven door de innerlijke wens tot escapisme, blijven Jupiters amoureuze avonturen bij kunstenaars populair. Onttrokken aan de blik van zijn jaloerse echtgenote Hera, gaf Jupiter zich vermomd als stier, zwaan of, zoals in schilderijen van Titiaan en Hendrick Goltzius, in een wolk van goudenregen over aan zijn nieuwe veroveringen. Op 13 mei verwacht ik een lezing over Metamorfosen te geven in de cultuurhoek Driebergen. 

Betoverend Nidden. Marie Tak van Poortvliet Museum, Domburg. Tot 29 juni 2026

Nog nooit van Nidden gehoord? Neem dan een kijkje in de bijzondere tentoonstelling in het Domburgse Marie Tak Van Poortvliet Museum. Badgasten en lezers van mijn museumtip over Jacoba van Heemskerck kennen dit kleine museum in de Zeeuwse badplaats wel. Dit voorjaar worden onbekende, inspirerende werken getoond uit de Litouwse kunstenaarskolonie Nidden (thans bekend als Nida). Een betere locatie voor de schilderijen die aan de zogeheten Koerse Schoorwal ontstonden is nauwelijks denkbaar. Zon, zee, hoge duinen en het sprankelend licht boven de lagune in de Baltische Zee kenmerken ook de omgeving van Domburg.  
Zoals kunstenaars als Piet Mondriaan, Jan Toorop en Jacoba van Heemskerck naar de Zeeuwse badplaats trokken, brachten kunstenaars die opgeleid waren aan de Kunstacademie van Köningsberg hun zomers eveneens graag door aan de kust. Rond 1900 waren Lovis Corinth (1858-1925), Max Pechstein (1881-1955) van die Brücke en Karl Schmidt-Rottluff (1884-1976) hier te vinden.  
Niet alleen schilders, maar ook de auteur Thomas Mann streek neer op Nidden. Een ansichtkaart geeft een ogenschijnlijk harmonieuze impressie van de schrijver met zijn kleine kinderen, van wie enkelen een ongelukkig leven wachtte.  
Ongeluk is in de getoonde tekeningen, litho’s en schilderijen ver te zoeken. We zien vrolijke meisjes met gevlochten haar en een welhaast mediterrane impressie van het huis van Thomas Mann.
Tijdens de opmars van Hitler werd de Koerse Schoorwal ingelijfd bij het Derde Rijk. Na WOII werd Litouwen een Sovjetrepubliek. De blijdschap van haar na de Wende herwonnen onafhankelijkheid is nu omgeslagen in angst voor het vanuit het Oosten dreigende gevaar, maar daarvan zie je in de geëxposeerde werken geen spoor. 

Kawase Hasui. De Verbeelding van Japan. Tot 16 maart in het Japanmuseum Siebold Huis Leiden.

De Japanse prenten in het Leidse Sieboldhuis roepen herinneringen op aan de lezing die ik lang geleden gaf over Desjima. Een eilandje voor de kust van Nagasaki, waar dienaren van de VOC als enige westerlingen handel mochten drijven met Japan. Wanneer de schepen arriveerden was het een drukte van belang. De rest van het jaar heersten rust en verveling, want zij mochten het eiland niet verlaten. De mannen -voor echtgenotes was de handelspost verboden terrein- zochten vertier bij Japanse prostituees die hen ’s avonds bezochten.
Een van de bekendste bewoners van Desjima is Franz von Siebold (1796-1866). Tijdens zijn werkzaamheden als ‘bedrijfsarts’ (1623-1629) ontwikkelde hij zich tot Japankenner van formaat. Annejet van der Zeil schreef een pakkende dubbelbiografie over Von Siebold en zijn Japanse dochter Oine. Zij werd de eerste vrouwelijke arts in Japan. Met zijn verzameling en publicaties over het in de 19e eeuw nog mysterieuze land heeft Von Siebold zijn sporen nagelaten. Van zijn Japanse jaren dateren interessante prenten. In westerse ogen verdienen de beeltenissen van de ‘roodharige barbaren’ veeleer de benaming karikaturen dan portretten. Onder het penseel van de prentkunstenaar Kawahara Keiga (1786-1860) nam Siebolds puntneus enorme proporties aan. Ook zijn ‘rode’ huid en dito haren werden dik aangezet. Deze zogeheten ukiyo-e prenten met alledaagse voorstellingen en impressies van de vergankelijke geneugten des levens bieden een interessant inkijkje in het toenmalige leven op Desjima. Ook Katsushika Hokusai (1760-1849) en Utagawa Hiroshige (1797-1858), respectievelijk bekend van de Grote golf en100 beroemde gezichten op Edo, brachten de Nederlanders op Desjima in beeldVerschillende oorlogen en de grote aardbeving van 1923 maakte een einde aan deze traditionele prentkunst.
Tot 15 maart biedt het Sieboldhuis een podium aan Kawase Hasui (1883-1957). Zijn als Shin-Hanga aangeduide prenten belichamen de wedergeboorte van de traditionele Japanse thema’s die hij vernieuwde. In landschappen met de heilige berg Fuji en betoverende winterscènes paste Hasui on-Japans soms een westers perspectief toe. Uit Hasui’s rijke oeuvre van 600 prenten worden ook illustraties voor tijdschriften, menukaarten en posters getoond. Link: Japanmuseum Sieboldhuis

Discovering Ancient Egypt tot en met 3 mei in het RMO Leiden

Een bijdrage in het winternummer van Kunstschrift deed mijn fascinatie voor het oude Egypte herleven. Als tiener maakte ik in 1969 een werkstuk over Toet-Anch-Amon. In 1922 was de ontdekking van zijn nog verzegelde graf wereldwijd voorpaginanieuws. Vanaf zijn mummiekist blikt de jonggestorven farao de toekomst onverschrokken tegemoet. De zanger Panesy slaat de bezoekers eveneens met een onbewogen uitdrukking gade. In mijn werkstuk noteerde ik een citaat uit Het Beste van augustus 1960:…’SOS voor de tempels van Nubië. … Tenzij de wereld edelmoedig en snel in de buidel tast zal Egypte’s nieuwe stuwdam bij Assoean duizenden van ’s mensen oudste en waardevolste scheppingen doen overspoelen’…
In 1969 organiseerde UNESCO een grootscheepse reddingsactie. Voor haar steun werd Nederland beloond met een geschenk uit het bedreigde gebied. De tempel staat in de voorhal van het RMO, waar nu de tentoonstelling Discovering Ancient Egypt te zien is.
Voor Toet-anch-amon moet je naar het indrukwekkende Grand Egyptian Museum dat onlangs in de nabijheid van de piramides is geopend. In Leiden kun je de oudheden niet alleen bewonderen; in deze expositie worden ook de resultaten van (natuur)wetenschappelijke onderzoek belicht. Je verneemt bovendien dat farao’s uit het Nieuwe Rijk en de Fatimiden en Mammelukken na hen, met belangstelling terugkeken op hun beroemde voorgangers van het Midden- en Oude Rijk. De fascinatie voor- en de pogingen om de geheimen van het oude Egypte te ontrafelen gaat door. Deze zoektocht wordt geïllustreerd met dierenmummies, prachtig versierde teksten op papyrus, sculpturen en manuscripten. Het gaat daarbij om meer dan de verwondering over de esthetische kant van de objecten. Recente ontdekkingen met onderzoeks-methoden als de MRI-scan verlenen de expositie een extra dimensie. De CT-scan van de mummiehuls van de Panesy bracht verrassend genoeg niet het lichaam van een man aan het licht, maar dat van een vrouw. De kist werd kennelijk zonder angst voor repercussies van de goden van het hiernamaals gerecycled voor het stoffelijk overschot van een onbekende vrouw. Dit en meer zie je tot en met 3 mei in het Leidse RMO. Link: RMO Leiden

De Werelden van Jan Toorop, een artistieke zoektocht. Van 21 januari tot 11 mei in Singer Laren

In de zomers van de vroege twintigste eeuw was Jan Toorop (1858-1928) vaak in het landelijke Domburg te vinden. Weg van de grote stad en de industrialisatie bracht hij het eenvoudige leven van de lokale bevolking in beeld. Met zijn Zeeuwse- en vroegere symbolistische werken heeft hij naam gemaakt, maar Toorop heeft ook andere avant-garde stromingen ‘uitgeprobeerd’. Werken waarin hij een impressionistische, pointillistische endivisionistische toets hanteerde geven een indruk van zijn levenslange artistieke zoektocht. In de expositie leer je hem kennen als artistieke omnivoor. Dit beeld wordt aangevuld met werk van tijdgenoten en navolgers. Geïnspireerd op werk van Paul Gauguin en James McNeil Whistler ontwikkelde Toorop een unieke beeldtaal, waarin elementen van eigentijdse Europese kunst en de Javaanse beeldcultuur samen komen. Behalve in contemporaine stromingen vond hij ook inspiratie in herinneringen aan Indonesië, waar hij in 1858 als zoon van Nederlands-Indische ouders werd geboren. Zijn symbolistische werken met beweeglijke lijnen vertonen echo’s van het Wajangspel.
Werken op papier, sculpturen en originele correspondentie bieden een nieuw Aziatisch perspectief op Toorop, die sinds jaar en dag voornamelijk als een belangrijke Nederlandse avant-gardist werd gezien. Met hedendaagse begrippen als ‘koloniale migrant’ en ‘man van kleur’ wordt zijn profiel naar huidige criteria geactualiseerd. De expositie geeft Toorop zijn ware identiteit terug, aldus de samenstellers van de tentoonstelling.
De expositie besteedt ook aandacht aan zijn bekering tot het Rooms-Katholieke geloof. In deze keuze speelde zijn relatie met de dichteres en kunstenaar Miek Janssen een belangrijke rol. De veertien kruiswegstaties uit de St. Bernulphuskerk in Oosterbeek en bruiklenen uit Museum Catharijneconvent getuigen van zijn religieuze bevlogenheid.
Lezingen: 4 maart Cultuurhoek, Driebergen; 6 en 18 maart Oosterkerk, Zeist
Link: informatie en inschrijven

Museum Dorestad, Sinds december weer open in Wijk bij Duurstede 

Voor wie de geschiedenis van Dorestad wat is weggezakt en degene die nog nooit over het indrukwekkende verleden van Wijk heeft gehoord is een bezoek aan het vernieuwde Museum Dorestad een aanrader. Een maquette geeft een indruk van de vroegmiddeleeuwse handelsplaats.
Maak een virtuele vaartocht naar Dorestad, waar het vriendelijke Viking meisje Katla geschenken uitdeelt aan de armen. Een goedmakertje voor de plundertochten van haar voorvaderen. De Vikingen waren niet de eerste vreemdelingen die het op dit, strategisch aan twee waterwegen gelegen gebied voorzien hadden. 
Aan het begin van onze jaartelling waren de Romeinen hier ook neergestreken. De noordgrens van het Romeinse Rijk werd gemarkeerd door de rivier de Rijn. Van Nijmegen tot Katwijk bouwden de Romeinen een keten van zo’n 20 grensforten en wachttorens. Anders dan het bij Bunnik gelegen Fort Fectio of Castellum Hoge Woerd in de Meern zijn de resten van het hier gelegen Castellum Duristate niet aangetoond. Bij baggerwerkzaamheden bij Rijswijk, tegenover Wijk bij Duurstede, aan de Nederrijn zijn echter veel Romeinse militaire objecten gevonden. Uit de rivierbedding werd onder meer een fraaie infanteriehelm met de ingekraste namen van Titus Allienus Martialis en Statorius Tertius opgediept. Deze uit Thracië (thans Bulgarije) afkomstige soldaten waren hier ver van huis gestationeerd. In de gedaante van een spookachtig hologram spreekt Titus de bezoekers toe. Archeologische vondsten gepresenteerd in een interactieve opstelling schetsen een beeld van de Romeinse tijd (midden 1e– eind 4e eeuw).
Behalve het schrift, waaraan het lettertype Roman nog herinnert, nam de lokale bevolking veel van de Romeinen over. Op de icoontjes van een educatieve kast staan al die nieuwigheden afgebeeld: bakstenen, dakpannen, kip, perziken, olijfolie en wijn, waarmee het eenvoudige lokale menu werd aangevuld.
Museum Dorestad. Dinsdag t/m zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur. Ingang via de VVV in het oude Stadhuis van Wijk bij Duurstede.

Link: Museum Dorestad

Tentoonstelling Ongezien: Ongelijkheid in Geneeskunde. Tot en met 8 maart 2026 in Museum Boerhaave, Leiden.

Campagnebeeld Ongezien

In het voormalige Caeciliagasthuis is het naar de Leidse hoogleraar Herman Boerhaave (1668-1738) vernoemde museum ondergebracht.  Hier wordt de geschiedenis van wetenschap en geneeskunde aanschouwelijk gemaakt. Tot de huidige dag, want wetenschap is nooit ‘af’. In de vaste opstelling zijn actuele voorbeelden van medische verworvenheden te zien, zoals een 3-D-geprint kinderhartje en het indrukwekkende prototype van een ijzeren long; een beademingsapparaat voor polio patiëntjes met verlammende ademhalingsproblemen.

Een bezoek aan dit wetenschapsmuseum is alleen daarom al de moeite waard, maar de tijdelijke expositie “Ongezien” is een aanrader. Waarom? In de tentoonstelling staat een actueel thema in de geneeskunde centraal: de ongelijkheid in benadering en behandeling van mannelijke en vrouwelijke patiënten.  Alle mensen gelijk? Vergeet het maar! 

De expositie ‘ontleedt’ het feit dat de medische wetenschap eeuwenlang gericht was op het mannelijk lichaam. Inmiddels wordt echter steeds duidelijker dat er tussen mannen en vrouwen vaak grote verschillen bestaan in het diagnosticeren en behandelen van aandoeningen. De expositie informeert de bezoekers bijvoorbeeld over de verschillen in  percentage hart- en andere ziekten bij man en vrouw. Pas sinds 1990 moeten bij het onderzoek naar allerlei tot voor kort alleen op mannen toegespitst klinische studies ook vrouwen worden betrokken. 

U kunt hier verder lezen over deze interessante tentoonstelling.

Alles gegeven: Jacoba van Heemskerck x Marie Tak van Poortvliet Tot en met 1 maart in Kunstmuseum Den Haag. 

Jacoba van Heemskerck, Twee bomen, 1910. Kunstmuseum Den Haag

Twintig jaar na haar herontdekking is Jacoba van Heemskerck (1876-1923) terug in het Kunstmuseum. Via het kubisme en het luminisme ontwikkelde zij zich tot een toonaangevende expressionist. Terwijl het kubisme de zichtbare werkelijkheid in geometrische vormen vertaalt, staat in het luminisme het licht centraal. De in felgekleurde, korte toetsen neergezette Twee Bomen van haar hand is daarvan een mooi voorbeeld.  

Jacoba van Heemskerck, Gebrandschilderd Raam uit Villa Wulffraat, 1920. Kunstmuseum Den Haag.

Gaandeweg gaat Van Heemskerck over tot abstrahering van de waargenomen werkelijkheid. Anders dan Mondriaan, met wie zij in Domburg vaak samenwerkte, liet Heemskerck de realiteit nooit helemaal los. Beide vonden inspiratie in het theosofische- en antroposofische gedachtegoed van Rudolf Steiner. Volgens welke alle religies teruggaan op één universele, bron van wijsheid. Met praktische toepassing van deze kennis in onderwijs, geneeskunde en landbouw zoeken antroposofen naar verbinding tussen de spirituele en fysieke wereld. Vanuit deze levenshouding zoekt Jacoba naar expressie van de innerlijke wereld. Haar stijl wordt gekenmerkt door contrastrijk kleurgebruik. In haar composities plaatst zij felle door donkere contouren omkaderde kleurvlakken naast gedempte tinten.  Deze werkwijze is verwant aan de uitvoering van de gebrandschilderde ramen die zij in de vroege jaren twintig maakte voor de GGD, de Marine Kazerne in Amsterdam en particuliere opdrachtgevers. Prachtig van kleur en compositie is het tondo voor Villa Wulffraat, waarin vissen in het water herkenbaar zijn.

Pioniers 
In de tentoonstelling worden Van Heemskerck en Tak van Poortvliet als pioniers van de moderne kunst gepresenteerd. Tot heden werd Tak van Poortvliet voornamelijk als mecenas, promotor en inspiratiebron en levensgezellin van Van Heemskerck gepresenteerd. Nu wordt ook haar rol als muziekrecensent en publiciste belicht. Zij schreef artikelen over de Antroposofische beweging en de door haar verzamelde kunstenaars.  

Tegenwoordig zijn we gewend aan vrouwen in ‘typisch’ mannelijke beroepen, maar zo’n honderd jaar geleden lag dat volgens Tak van Poortvliet nog anders:

’want speciaal voor een vrouw is het verre van gemakkelijk om een pionier te zijn’

Aan de hand van thema’s als vrouwenemancipatie, duurzaamheid, queerness en mentaal welzijn wordt het verhaal van Jacoba en Marie geactualiseerd. Ter illustratie van hun vooruitstrevende ideeën worden twee ruimvallende reformjurken getoond. Modellen waaronder het letterlijk en figuurlijk benauwende keurslijf van een corrigerend korset overbodig was. Op een foto voor het tentoonstellingsgebouw in Domburg onderscheiden beide vrouwen zich van andere dames door het dragen van een stropdas. Een subtiel feministisch statement.

Lees hier verder in een uitgebreid artikel en kom in het najaar luisteren naar mijn lezing.

In the Name of Love; tentoonstelling over kunst en liefde tot 1 maart 2026 in Museum Catharijneconvent.

Frank Creton, Funeral Procession, 2025. Museum Catharijneconvent, Utrecht.

Voor wie de liefde nog niet kent is In the Name of Love een absolute must, maar ook voor ingewijden is deze expositie met voorbeelden van moderne en hedendaagse kunst een bezoek waard. In de oude kloostergangen van het Catharijneconvent worden de verschillende facetten van liefde in woord en beeld belicht aan de hand van thema’s als: Naastenliefde, Familie(liefde), Relaties, Lichaam en Spirituele liefde. Je wordt begroet met meer dan levensgroot geprojecteerde filmbeelden van zingende gelovigen van de Amsterdam City Church. In de Bijbeltekst op de tegenoverliggende wand zal menigeen de bekendste huwelijkstekst over de liefde herkennen: 

Al ware het dat ik met de tongen der mensen en der engelen sprak, maar had de liefde niet…. ik ware niets… de liefde is lankmoedig, niet afgunstig, zij kwetst niemands gevoel… zij rekent het kwade niet toe… alles bedekt zij, alles gelooft zij, alles verdraagt zij: de liefde vergaat nimmer meer… (1 Korinthiërs 13).

In de navolgende zalen volgt een veelkleurige tentoonstelling die met het oog op duurzaamheid en milieu met zestig werken uit de eigen collectie is samengesteld. De in dialoog gepresenteerde oude bekende, moderne en hedendaagse werken zorgen voor een boeiende ervaring. Niet alleen voor de traditionele bezoekers van het Convent, maar ook voor (oudere) jongeren, die in de quotes op de wanden tophits uit vroeger tijden zullen herkennen. Nummers waarin de hemelse en aardse liefde wordt bezongen door Aretha Franklin, Elvis Presley, Bob Dylan en het toepasselijke nummer waarmee The Beach Boys in 1966 de wereld veroverden: God only knows what I’d be without you!  Halverwege de expositie word je uitgenodigd voor een rustmoment -wellicht een sentimental journey- om deze singles, die ook op Spotify te vinden zijn, te beluisteren.  

Het draait niet alleen om kijken. Er worden ook vragen gesteld: wat heeft de maker ermee bedoeld en wat zie je er zelf in?
Bij het thema Naastenliefde stellen teksten op spiegels prangende vragen, waarbij je jezelf letterlijk en figuurlijk tegenkomt… ‘Is zorgen voor een ander ook zorgen voor jezelf? Bij deze woorden moest ik denken aan een verwante uitspraak van Erasmus die in de 16e eeuw als wist:
wie niet van zichzelf houdt, kan niet van anderen houden…

Verder lezen kun je hier

Bodemjuweeltjes. Tot en met 1 maart 2026 in het Zeeuws Museum, Middelburg

Campagnebeeld Bodemjuweeltjes 2025 Collage en fotografie Pim Top

Liefhebbers van zon, zee èn archeologie moeten deze zomer op Walcheren zijn. In het kader van het project Onder Ons laat het Rijksmuseum van Oudheden belangstellenden in de provincie genieten van haar archeologische collectie. Dwalend langs de vitrines met soms millennia oude sieraden kun je je tot en met 1 maart in Middelburg verbazen over de handvaardigheid van onze verre voorvaderen. En niet te vergeten: de speurzin van (amateur)archeologen en jongens met een metaaldetector. Overigens kunt u in de winter ook nog terecht want de tentoonstelling loopt tot 1 maart 2026.

Bij het zien van al dat moois rijst de vraag: hoe zijn deze objecten in de bodem beland? Niet alles is weggegooid of verloren. Sommige voorwerpen zijn als offer aan de goden in een waterloop geworpen, andere werden als grafgift meegegeven. In tijden van gevaar werden kostbaarheden soms ook onder de grond verstopt. Van de bedoeling deze later weer op te graven is het kennelijk nooit meer gekomen.
Lees hier verder

Fenix , Kunstmuseum over Migratie in Rotterdam. Nu geopend.

Schip voor de kade bij het San Francisco pakhuis, ongeveer 1925, Gemeente archief Rotterdam

De editie van Kunstschrift nr. 2 2025 is gewijd aan kunst & migratie in de ruimste zin van het woord. De foto van een enorme stoomboot op de omslag maakt nieuwsgierig naar de inhoud. Je leest over eigentijdse migranten, maar ook over vluchtelingen en wereldreizigers die al sinds de 16e eeuw in beweging kwamen.  

Hans Holbein de Jonge Portret van Desiderius Erasmus circa 1532 Collectie Fenix

Ter illustratie van het fenomeen migratie koos de redactie voor het motto van Desiderius Erasmus Roterodamus die rond 1466 in de Maasstad werd geboren:

…‘Overal thuis, een vreemdeling voor allen’…

De foto van de vertrekkende Holland-Amerika Lijn en het portret van de Nederlandse humanist Erasmus zijn te vinden in Fenix, het nieuwe kunstmuseum over Migratie. Het museum is gerealiseerd in samenwerking met de Stichting Droom en Daad, die met culturele projecten de veelkleurige geschiedenis van Rotterdam in beeld wil brengen. Met de intentie om te verbinden. De onderliggende gedachte is dat migranten geen buitenstaanders zijn; in wezen zijn wij allemaal ooit ergens (anders) vandaan gekomen… Met een spectaculaire show is het museum door koningin Maxima geopend. Het voorbeeld bij uitstek van een succesvolle migrant! Onder welke categorie moeten we de  majesteit plaatsen?  Een politieke of economische vluchteling of gewoon een gelukszoeker? Haar migratie betekende in elk geval een persoonlijke sprong voorwaarts, maar dat geldt niet voor iedereen die deze sprong in het diepe waagde, vaak in de letterlijke betekenis.

Cas Oorthuys, Vertrek van de Holland-Amerika Lijn, 1956. Collectie Fenix

Een betere locatie voor het nieuwe museum is niet denkbaar: vanaf de Paul Nijghkade gingen miljoenen mensen in de late 19e en vroege 20e eeuw scheep op zoek naar een beter bestaan. Thematisch ingedeeld naar vertrek, reis en aankomst vertellen foto’s, historische documenten, oude en eigentijdse kunstwerken de boeiende migratiegeschiedenis vanuit Nederlands perspectief. Je ziet geschilderde en gefotografeerde beelden van verwachtingsvol gestemde mensen, die bepakt en bezakt met hun kroost aan boord gaan, zoals in een werk van Ventura Alvarez Sala, Emigrantes uit 1908.

Lees hier verder

Geverifieerd door MonsterInsights