Getekend, de Natuur – Een levende geschiedenis. Tot  en met 29 maart in het Centraal Museum Utrecht.

Campagnebeeld

Als het buiten woedt is het binnen goed! Maak in het Centraal Museum aan de hand van de tekeningen van Atlas Munnicks van Cleeff een herfstwandeling door vier eeuwen getekende en -uit de eigen collectie- geschilderde natuur.

De zogeheten atlas telt zo’n 1500 17e en 18e -eeuwse landschapstekeningen en prenten uit de verzameling van de Utrechtse arts Gerard Munnicks van Cleeff (1797-1860).

Niet alleen Amsterdam viert dit jaar het jubileum van haar 750-jarige bestaan, ook de provincie Utrecht ‘bestaat’ al 650 jaar. Reden voor deze feestelijke tentoonstelling, waarin de zoektocht naar de relatie tussen mens en natuur centraal staat.  

Met het tekenen van de zogeheten Stichtse Landbrief werden in 1375 de diverse rechten en plichten tussen de bisschop van Utrecht als landsheer en een raad gevormd door Utrechtse geestelijken en edelen op het platteland vastgelegd. De Utrechtse bisschop Arnold van Horne werd door geldnood gedwongen om een deel van zijn macht op onder meer financieel en bestuurlijk niveau over te dragen.

Sindsdien werden de kastelen gebouwd waarvan sommige tot de huidige dag fier in het landschap staan. Aanvankelijke bepaalden de kasteelheren het arbeidsritme van de mensen om hen heen. De houtkap en de verbouw van gewassen waren aan regels gebonden, maar geleidelijk aan kwam hier verandering in. Toen de burgers steeds meer te vertellen kregen raakten sommige kastelen in verval, zoals kasteel De Haar. Dat leverde ten tijde van de Romantiek mooie onderwerpen voor tekeningen en prenten.

Uitgangspunt voor de expositie vormen vragen als: hoe is het landschap in al die eeuwen veranderd?Wat heeft klimaatverandering en het kappen van de (regen)wouden teweeggebracht? En hoe staat de mens daarin?

Deze vraag is treffend in beeld gebracht door Ben Sledsens. In zijn enigszins naïeve impressie van een zakenman die met attchékoffer  in het water staat is verraadt onmiskenbaar invloed de zondagsschilder Henri Rousseau (1844-1910), die ook en junglescènes schilderde.

Ben Sledsens, Pink Mirage, 2024. Centraal Museum, Utrecht

De antwoorden laten verschuivende perspectieven zien en hebben geresulteerd in een mooie, leerzame tentoonstelling voor iedereen, maar speciaal voor de inwoners van Utrecht. In de eerste zaal zie je een video waarin oude tekeningen groot geprojecteerd worden naast hedendaagse foto’s van dezelfde locatie. Een mooi voorbeeld vormt de oude prent van Pieter Jan van Liender Gezicht op de Vleutense vaart waarop je achter de bomen het huis Jaffa ziet en in de verte de Domtoren; met daarnaast een opname van de Vleutenseweg anno nu.

Pieter Jan van Liender Gezicht op de Vleutense vaart, ong. 1750, Centraal archief Utrecht

De locaties zijn niet alleen veranderd, maar ook de denkbeelden over de natuur, en met name de maakbaarheid ervan. Je kijkt je ogen uit!

De tentoonstelling volgt de huisstijl van het museum: de presentatie van oude kunst met een flash-forward. Ofwel de combinatie van oude en nieuwe kunst, licht directeur Bart Rutte toe. In de thematische, transhistorische en trans-Atlantische tentoonstelling beland je dus ook in de moderne tijd met recent verworven werk van Ben Sledsens en Jan Rutgers van Niwael.
Bij de samenstelling van de expositie sloeg conservator Geertje Dekkers vanuit oud Utrecht haar vleugels ook uit naar het Amazonegebied. Om de grote, gevarieerde collectie inzichtelijk te maken heeft zij gekozen voor een thematische opstelling. Het scala aan emoties die de natuur veroorzaakt vormt het leidmotief. De natuur en met name natuurgeweld kan angst inboezemen en leiden tot de dood, maar de natuur kan ook ontspanning en troost bieden.  

Herman Saftleven, Domplein met brokstukken van het ingestorte middenschip van de Domkerk

Je ziet prenten met de ravage die de orkaan in 1674 in Utrecht heeft aangericht. Op oude tekeningen van Herman Saftleven is te zien dat de brokstukken van het ingestorte middenschip van de Domkerk nog decennialang op het Domplein bleven liggen.

Angst voor natuurgeweld was niet ongegrond. Daarvan getuigt ook een heftige impressie van een dijkdoorbraak, waardoor het plaatsje Houtewaal in de goven van de Zuiderzee verdween.

Willem Schellinks, De doorbraak van de Sint Antoniesdijk bij Houtewael, 1651. Amsterdam Museum

Ook zie je een voorbeeld van de zojuist besproken flash-forward. Dit werk correspondeert met een hedendaags doek van Katherine Bedfords Night Camp (2023), waarin een persoon tot zijn middel in het water staat. Als je goed kijkt zie een brand in de verte, waarmee de kunstenaar ook een link legt naar de felle bosbranden in onze tijd.  

Interessant en zeer actueel is de prent met een impressie van een drijfjacht op wolven. Op dezelfde plekken als nu leefden eind 16e eeuw ook wolven in ons land. De wolven van nu hebben meer geluk, want die in de 17e eeuw werden uitgeroeid.

Etienne Delaune, Drijfjacht op wolven met een net, 1528-1583. Rijksmusuem, Amsterdam

Behalve natuurrampen en gevaarlijke dieren eisten ook besmettelijke ziekten hun tol. Als teken aan de wand zie je in de tweede zaal een sculptuur van een jongeman die achterna wordt gezeten door de dood. Het percentage kindersterfte lag in die dagen hoog. Deze rampspoed wordt verbeeld met de recente aanwinst, het van Portret van een meisje op haar doodsbed (1645) door Jan Rutgers van Niwael.

De medische wetenschap stond nog in de kinderschoenen. Het enige dat de mens kon doen was vertrouwen op God. Een afbeelding van Adam en Eva memoreert het Bijbelse duo aan wie de mensheid alle ellende te danken heeft. Met een reeks landschapstekeningen met prominent weergegeven kerktorens wordt het christelijk perspectief en de hoop op een beter leven na het aardse tranendal geïllustreerd. In deze sectie staat ook het Bijbelse overtuiging (nog) overeind dat de mens bovenaan de piramide van al wat leeft staat.

De natuur beheersen
In dit deel van de expositie zie je voorbeelden van de manier waarop de mens de natuur vanaf de late 17e eeuw en 18e eeuw naar zijn hand zette. Een streven dat tijdens de Verlichting in de 18e eeuw culmineert in een door en voor de mens ingerichte wereld. Je ziet afbeeldingen waarop met inpolderingen nieuw land wordt gecreëerd en andersom, door turfafgravingen nieuw water ontstaat, zoals -nooit geweten- de Loosdrechtse plassen.

Tijdens de Verlichting wordt al wat leeft aan grondig onderzoek onderworpen.

In ons land onbekende speciminae van exotische planten en dieren worden tentoongesteld en bestudeerd. Leuk voorbeeld daarvan is het levensgrote anatomische model van een paard dat tot in de 20e eeuw in de collegezaal van de veterinaire faculteit aan de Biltstraat werd gebruikt.

In de 18e eeuw neemt de macht van de adel af terwijl rijke burgers adellijke allures krijgen, zoals David van Mollem, de eigenaar van zijdefabriek Zijdebalen en de gelijknamige buitenplaats aan de Utrechtse Vecht. Zelfbewust laat hij zich, omringd door attributen die hem als een man van de wereld doen kennen, samen met zijn gezin portretteren. Weergegeven tegen het decor van zijn strak georkestreerde symmetrisch aangelegde Franse tuin met geschoren buxushagen, waarin zich naar Italiaans gebruik ook een heuse grotto bevond. Op prenten van deze ideale tuin zijn ook de watermolens, moerbeiboompjes en zijderupsen afgebeeld, waaraan de Van Mollems hun luxeleven te danken had. In de vitrine ligt een medaille met afbeelding van de zijderups. Uit de vaste collectie worden 3 prachtige zijden japonnen.

Met de fabricage van zijde zijn we in de tijd van de vroege industriële revolutie beland. Van deze periode zie je een anoniem stadsgezicht met de Catharijnepoort. Charley Toorop en Jan Sluijters geven impressies van Utrecht in de vroege 20e eeuw.

Charley Toorop, Gezicht op Utrecht met bloeiende appelboom, 1917 Collectie Centraal Museum Utrecht

Halverwege de expositie krijgt de bezoeker de gelegenheid voor rust en reflectie. Via een touchscreen kun je bladeren door de Atlas of een boodschap aan de natuur noteren, om door te gaan naar de moderne tijd.

De tekeningen van de Utrechtse kunstenaar Nicolaas Wicart (1748-1815) vormen het slotakkoord van de verzameling Munnicks van Cleeff.  Zijn werken lijken een stil protest tegen de voortschrijdende modernisering, waarvan je in het vervolg van de expositie werken uit de eigen collectie van het museum ziet.

Ten tijde van de Romantiek wordt een streep gezet door de rechte lijnen van de beheersbare tuinarchitectuur. Zoals gepropageerd door de Franse filosoof Jean Jacques Rousseau (1712-1778) wilde men terug naar de natuur. Dit ideaal zie je terug in de landschapstuin, waarin gebogen lijnen de norm worden. Via slingerpaden wordt de wandelaar vergast op steeds wisselende, verrassende uitzichten. De landshapstuin oogt weliswaar ‘natuurlijk’, maar dat effect kwam ook door menselijk ingrijpen tot stand.

In hun tuinkamers halen welgestelde burgers de natuur letterlijk en figuurlijk in huis. In de expositie zie je een voorbeeld van 18e -eeuws behang uit een pand aan de Oude Gracht, versierd met een ondoordringbaar bos met zwijntjes.

Hendrikus Van de Sande Bakhuizen, Zelfportret in weidelandschap met vee, 1850. Rijksmuseum

Hier zie je ook een krantenknipsel met de geïllustreerde reeks van the Modern Theory of Descend of Men; een van de vroegste verbeeldingen van de evolutieleer van Darwin, waarin de opmerkzame bezoeker een foutje zal ontdekken.

Dit brengt ons aan de vraag: staat de natuur de mens ten dienste? In de loop van de opstelling begint dit beeld te kantelen. Je ziet voorbeelden van de uitputting van de aarde. Deze is al lang geleden begonnen, door monoculturen.

Zo belanden we in de 20e eeuw; het tijdperk waarin de schadelijke voortbrengselen van de natuur met heilzaam beschouwde middelen werden bestreden. Op een affiche prijst een argeloos boertje insecticide aan. De flitspuit waarmee kinderkamertjes tot in de in de jaren ‘60 muggen-vrij werden gemaakt.   

Een ander reclamebord toont een verheugde boerin; blij met de goede oogst dankzij Chilisalpeter. Gevolgd door affiches die kort daarna getuigen van het inzicht dat we anders moeten omgaan met de natuur. Laat niet als dank voor het aangenaam verpozen

Ter illustratie van de doorgeschoten manieren waarop wij de natuur proberen te overheersen worden ook tekeningen van Peter Vos getoond. Hybride wezens van dieren en vogels met mensenkoppen en een reeks dode dieren die Charles Doncker in het, door plannen voor verbreding van de A-27, nog altijd bedreigde Rhijnauwen schetste.

We verlaten Utrecht en gaan naar Zuid-Amerika. In het laatste deel van de tentoonstelling roepen hedendaagse kunstenaars op om de natuur te steunen. De Amerikaans Columbia geboren kunstenaar Jonathas de Andrade zag zichzelf als onderdeel van de natuur. Zijn 10 minuten durende film geeft een impressie van vissers in de Amazone, die, nadat zij een grote vis aan de haak hebben geslagen deze teder strelen en liefkozen alvorens de vis in de pan te gooien

Met haar enorme houtskooltekeningen brengt ook Raquel Maulwurf niet alleen de immense verwoestingen die mensen aanbrengen in hun omgeving in beeld, maar ook de ontembare krachten van de natuur. Zoals mooi te zien in haar welhaast driedimensionale impressie van een woeste zee Black Sea. Ze maakte haar werk niet toevallig met houtskool, verbrande natuur. In Black Sea brengt ze de van zwarte olie razende golven in beeld, na de ramp in 2010 met boorplatform Deepwater Horizon.

Met zijn schetsen van onder andere vissen in de rivier geeft de onlangs overleden Rodriquez impressies van de verwoeste enorme biodiversiteit in het Amazone-gebied. Met dat zelfde doel maakte Nohemie Perez een eveneensindrukwekkend metershoge tekening van het oerwoud, waarin ze tussen de bomen kleine figuurtjes heeft geborduurd van het daaruit bijna verdwenen tijgertje.

Annex: Richard Mosse

Tot slot kun je kijken naar het meest recente werk van Richard Mosse: de video-installatie Broken Spectre (2022) van Richard Mosse. In 74 minuten wordt in drie films naast elkaar getoonde films de verwoestende impact van ontbossing in het Amazonegebied in beeld gebracht.

Link: Centraal Museum

Geverifieerd door MonsterInsights